Beagle – een hele leuke en grappige hond

beagle ras

De Beagle is een hondenras dat bekend staat om zijn kleine, compacte formaat. Het zijn actieve gezelschapshonden. Beagles staan bekend om hun vrolijke, blije karakter. Het zijn jachthonden die met hun neus jagen.

Geschiedenis van het ras

Het is onbekend waar de naam “Beagle” vandaan komt. Er wordt gedacht dat dit vanuit het Franse woord “begueule” (open mond) komt, vanuit het oud-Engelse woord “beag” (klein), of vanuit het Franse woord “beugler” (joeler). Alle drie passen zeker bij de Beagle, maar duidelijkheid is er niet.

De geschiedenis van het ras is ook onduidelijk, omdat het ras zoals we deze nu kennen niet echt ontwikkeld is tot de 19e eeuw. In Griekse documenten uit het jaar 400 B.C. worden al Beagle-achtige honden vermeldt. De Romeinen namen kleine honden die op konijnen jaagden mee toen zij naar Engeland gingen. Deze kleine honden werden gekruist met lokale jachthonden en uiteindelijk zijn hieruit de voorouders van Beagles ontstaan.

Heel vroeg in zijn geschiedenis was de Beagle al populair in Engeland. Tijdens de regeringsperiode van Edward II (1307-1327) en Henry VII (1485-1509) werden extreem kleine jachthondjes die leken op Beagles populair. Volgens de overleveringen waren de hondjes klein genoeg om in één hand gehouden te worden.

Hoewel Beagles werden gebruikt voor de jacht, waren ze al snel niet meer populair toen rond het jaar 1700 de vossenjacht toenam in populariteit. Beagles waren daarvoor niet snel genoeg. Boeren in Ierland en Wales hielden hun Beagles voor de jacht op konijnen en hazen. Dat is waarschijnlijk de enige reden dat het ras nog bestaat.

Rond het jaar 1800 begonnen Beagles weer meer gefokt te worden, onder andere in het Engelse Essex. Rond diezelfde tijd kwam vanuit Amerika meer vraag naar Beagles. In 1884 werd de eerste Beagle club in Amerika opgericht. In Nederland bestaat de Beagle Club Nederland, die zich richt op het fokken van gezonde Beagles.

Het karakter van de Beagle

De Beagle hoort er uit te zien als een actieve, compacte hond met veel uithoudingsvermogen en vastberadenheid. Het is een waakzame hond, intelligent en met gelijkmatig temperament. Zijn neus hoort zwart te zijn, maar valt soms lichter uit. Hij heeft vaak donkerbruine- of hazelnootkleurige ogen. De oren zijn lang met afgeronde punten. Als je de oren voorzichtig naar voren trekt, komen deze tot bijna het puntje van de neus. Zijn nek moet lang genoeg zijn om met de neus op de grond te komen om een spoor te volgen.

De schofthoogte van het ras ligt tussen de 33 en 40 cm. Beagles wegen gemiddeld tussen de 11 en 15 kilo. Het is een jachthond uit FCI groep 6. Beagles zijn intelligent en vriendelijk. Ze zijn niet agressief of verlegen. Ze zijn sociaal naar andere honden en houden van menselijk gezelschap.

De eigenschap die misschien wel het meest bekend is van de Beagle, is zijn huilende blaf. Wie ooit een Beagle heeft horen joelen, weet dat dit niet de normale, schelle blaf van een hond is, maar juist een blaf die in een korte huil eindigt. Vaak blaffen Beagles als zij op jacht zijn en het spoor te pakken hebben.

Omdat het een meutehond is zijn zij vaak open en vriendelijk naar andere honden. De neus van een Beagle is goed ontwikkeld, zij hebben ongeveer 220 miljoen geurreceptoren, waar een mens maar ongeveer 5 miljoen heeft. Beagles zijn dus zeer goed in staat geur te onderscheiden! Ze worden dan ook vaak ingezet als speur- of detectiehond, naast uiteraard hun oorspronkelijke gebruik als jacht- en meutehond.

Uiterlijke kenmerken van de Beagle

De kleuren van de Beagle variëren tussen de zwart, tan en wit, maar de meeste Beagles hebben alle drie de kleuren. Veel minder vaak zie je de kleuraftekening schimmel (kleine zwarte vlekjes tussen het wit) en blauwschmmel (blauwe vlekjes tussen het wit). Als de Beagles ouder worden, krijgen zij vaak grijze haren.

De persoonlijkheid van een Beagle

De Beagle is een energieke hond, die vanaf pup al training en opvoeding nodig heeft. Consequent zijn is erg belangrijk. Een Beagle is intelligent, maar kan koppig en onbereikbaar zijn als hij met zijn neus bezig is. Hij zal alles willen ruiken en onderzoeken, en vindt dit vele malen belangrijker dan zijn baas. Als je hier goed mee om kunt gaan zul je vaak om ze kunnen lachen. Beagles houden van veel en lekker eten, dus let op dat je Beagle niet te dik wordt!

Ziektes die vaak voor komen bij de Beagle

Niet alle Beagles krijgen deze ziektes, maar lees je altijd goed in over de ouderdieren en de testen die zijn gedaan op erfelijke ziektes.

  • Tussenwervelschijfziekte, waarbij de binnenlaag van de tussenwervels tegen het ruggenmerg aan drukt. Dit veroorzaakt pijn en in ernstigere gevallen gevoelloosheid en verlammingen.
  • Heupdysplasie, waarbij het dijbeen niet goed op de heupkom aansluit. Dit is erfelijk.
  • Cherry eye, waarbij een klier onder het derde ooglid uitsteekt. Een dierenarts kan dit opereren.
  • Glaucoom, wat een verhoogde druk in de oogbol is. De hond kan hier blind van worden. Het kan erfelijk zijn of ontstaan door een ongeluk.
  • Progressieve retinale atrofie (PRA), dit kan ook blindheid veroorzaken. Het is te testen via de dierenarts voordat de ziekte duidelijk aanwezig is.
  • Distichiasis, waarbij er wimpers langs het ooglid groeien en in het oog steken.
  • Epilepsie, dit kan erfelijk zijn. Behandeling is mogelijk.
  • Hypothyreoïdie, een schildklieraandoening. Door medicijnen of een ander dieet is dit vaak onder controle te houden.
  • Dwerggroei, waarbij de hond niet groot wordt maar klein blijft. Soms is dit zo ernstig dat bijvoorbeeld ook poten of rug vervormd zijn.
  • Patella Luxatie, waarbij de knieschijf niet goed zit. Hier zijn verschillende gradaties in. Als het ernstig is kan een operatie een oplossing zijn.